Blogs

Mayonaise en schadevergoeding

Deze week kwam ik een opmerkelijk nieuwsbericht tegen: “Vrouw glijdt uit over mayonaise in supermarkt en ontvangt vette schadevergoeding”. Woordgrapjes trekken dan al snel mijn aandacht, maar ik was daadwerkelijk benieuwd naar deze ‘vette schadevergoeding’. En hoe kun je die nou ontvangen door een ogenschijnlijk normaal incident in de supermarkt?

Ik ben vast niet de enige die rond 15-jarige leeftijd tot de arbeidsmarkt toetrad als bescheiden vakkenvuller. Daarbij gebeurt het nou eenmaal dat er weleens een pot pindakaas of pak yoghurt op de grond klettert. Met mijn 1 meter 60 is het ook écht niet handig om glazen potjes in het bovenste schap te vullen. Het plaatje is geschetst: er valt weleens wat stuk.

Zo ook in de plaatselijke buurtsuper in Veenendaal, waar een potje mayo het slachtoffer werd van de zwaartekracht. Een vakkenvuller had de pot uit zijn handen laten vallen en is daarna zonder de troep op te ruimen of het gebied af te zetten weggelopen. Toen is er een 23-jarige vrouw over deze mayonaise gegleden, waarbij zij een scheur in de meniscus heeft opgelopen. Vervolgens kreeg de vrouw, met behulp van Amsterdams letselschadebureau JBL&G, maar liefst €11.500,- aan schadevergoeding uitgekeerd.

Nu weet ik door de privaatrechtelijke vakken die ik tot nu toe gevolgd heb, dat ‘schadevergoeding’ altijd een spannende term is die in casussen snel vermeden moet worden. Het enige uitgangspunt is dat het slachtoffer in de situatie moet worden gebracht alsof het ongeval nooit heeft plaatsgevonden. Alle schade die aan het ongeval toe te rekenen zijn, moeten door de tegenpartij vergoed worden. Hier kun je in geval van het mayonaise-incident dus al denken aan medische kosten, eventuele tijdelijke arbeidsongeschiktheid, hulp in het huishouden en wie weet nog wel emotionele schade. Toch klinkt €11.500,- wel als een erg groot bedrag voor een ogenschijnlijk onschuldige fout van de vakkenvuller. Hoe had hij anders moeten handelen?

De echte nerds onder ons hebben al lang door dat hier het befaamde Kelderluik-arrest een prominente rol speelt. Voor de minder fanatiekelingen onder ons: in dit arrest ging het om een man die in een café een kelderluik open liet staan na het bijvullen van een voorraad colaflesjes. In datzelfde café ging een gast naar het toilet, maar onderweg viel hij door dit kelderluik waardoor hij ernstige schade leed. Uit dit Kelderluik-arrest zijn een aantal, klaarblijkelijk nog steeds recente, criteria ontstaan.

Het belangrijkste artikel in dit geval, is artikel 6:162 BW over de onrechtmatige daad. In lid twee staat beschreven dat er drie gevallen zijn waarin sprake is van zo’n onrechtmatige daad: bij een inbreuk op een recht, bij een handeling in strijd met een wettelijke plicht en tenslotte bij handelingen die in strijd zijn ‘met hetgeen volgens ongeschreven recht betaamt’. Hierbij gaat het om ongeschreven fatsoensnormen. Het kelderluik-arrest is een invulling van de derde optie, want het bepaalt dat een ander niet zomaar blootgesteld mag worden aan gevaren waarop hij of zij niet bedacht hoeft te zijn. Mevrouw uit Veenendaal had er dus niet op bedacht hoeven zijn dat er een pot mayonaise in het gangpad zou liggen. Daarbij moeten een aantal punten volgens de Hoge Raad mee worden genomen:

  • Hoe waarschijnlijk is het dat het ‘slachtoffer’ in dit geval met oplettendheid en voorzichtigheid handelt? In dit geval was een dame simpelweg haar boodschappen aan het doen, en hoef je niet de gangpaden van de supermarkt met helm en kniebeschermers te betreden.
  • Hoe groot is de kans dat er ongevallen ontstaan? Ik denk dat de vakkenvuller er niet op bedacht was dat iemand haar meniscus zou scheuren door de klodder mayonaise die in het gangpad lag. Natuurlijk is het wel belangrijk dat die smurrie zo snel mogelijk opgeruimd wordt, al is het zodat je baas niet boos wordt. Hoe langer dit blijft liggen, hoe groter de kans op ongevallen.
  • Wat is de ernst van de gevolgen? In geval van deze dame waren de gevolgen wel heel erg. Zij is bijvoorbeeld voor een tijd minder mobiel, en moet hoogstwaarschijnlijk een operatie ondergaan. De gevolgen zijn hier, net zoals toentertijd bij het Kelderluikincident, heel ernstig.
  • Hoe bezwaarlijk is het om veiligheidsmaatregelen te nemen? Hier gaat het om het bekende gele bordje ‘Kijk uit, glad!’. Als je je afvraagt waarom je die zo vaak in een licht vochtig gangpad in de Appie staat, en je denk ‘hou toch op, zo glad is het helemaal niet’, dan is het dus om achteraf te kunnen zeggen dat zij wel voor een waarschuwing hebben gezorgd. Dit kan natuurlijk ook door iets af te zetten met een meetlint of iets dergelijks. In het artikel dat ik las, bleek dat de vakkenvuller in casu is weggelopen van de crime scene. Waarom is verder niet duidelijk. Zou hij dan niet onderweg zijn geweest naar zo’n geel bordje, een afzetlint of zijn supervisor? Dat is niet duidelijk. Wel is het duidelijk dat het geen grote moeite is om iemand voor een dergelijke uitglijpartij te behoeden.

Al met al, de Kelderluik-criteria uit 1965 zijn nog steeds actueel toe te passen. Zij moeten worden nagelopen bij de beoordeling of er sprake is van een gevaarlijke situatie, en daarmee een onrechtmatige daad (waarna schadevergoeding volgt). Als je dit stuk toevallig als vakkenvuller leest: houd het goed in je achterhoofd wanneer dat potje saus uit je handen glipt.

Over de auteur

Inez ten Brink

Inez ten Brink

Hoi iedereen! Mijn naam is Inez, 20 jaar, en ik zit in het tweede jaar van de studie Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam. Wat ik het leukst vind aan deze studie is dat het actueel, levendig en interessant is. Veel van wat je leert zie je terug in het “echte leven”, en dat laat dit platform ook heel mooi zien. Voor ik aan deze studie begon, heb ik een tussenjaar genomen waarin ik 5 maanden door Zuid-Amerika heb gereisd. Mijn doel is om de studie via het honours-traject en met een minor in het buitenland af te ronden. Mocht je tips, opmerkingen of vragen voor mij hebben, ben ik altijd te bereiken via
ineztbrink@gmail.com